Correspondentie met Ester Rekers, onderwijsadviseur
Op 3 juli reageert Vervaet op Rekers’ terugtrekken uit een wetenschappelijke gedachtewisseling, die ze op 28 juni zelf was begonnen en die ze op 2 juli nog hartelijk had omarmd…
Vervaet laat zien dat Rekers opgegeven reden voor die terugtrekking (‘u heeft de gevraagde reactie ontvangen’) niet geldig is: al het wetenschappelijke in haar reactie van 28 juni op Bakkers en zijn artikel in De Limburger staat nog volledig open.
= = = = =
Geachte mevrouw Rekers,
Na uw reactie van gisteren vind ik dit heel onverwacht en teleurstellend. En ook oneigenlijk. U schrijft namelijk: ‘U vraagt om een reactie en die heeft u van mij ontvangen’. Dat klopt niet want u bent niet ingegaan op mijn drie punten:
1. In dat Kennisrotonde-artikel komen de termen ‘betrouwbaarheid’ en ‘validiteit’ niet voor. Mijn vragen zijn dus nog onbeantwoord:
‘Als zo’n publicatie(s) er is/zijn, wilt u me daar dan naar verwijzen en/of me er een bestand van toesturen?’
‘Als zo’n publicatie(s) er niet is/zijn, waar baseert u “wordt getwijfeld aan betrouwbaarheid/validiteit” dan op?’.
2. In mijn punt 2 staan de vraag en het verzoek nog open:
‘Hoe verklaart u de drie stelselmatig opeenvolgende reacties die aan het conventionele schrijven voorafgaan?’
‘Ik kan me hierin vergissen. Dat zou dan heel gemakkelijk aangetoond kunnen worden, namelijk door kinderen van 3;0-8;6 eenzelfde opdracht te geven, waarvan bekend is dat de overgrote meerderheid van kinderen van 7;0-8;6 die correct uitvoeren en dat die opeenvolgende reacties dan niet worden gevonden. Ik zie (uw) onderzoek in dezen graag tegemoet!’.
3. In mijn punt 3 staat deze uitnodiging nog open:
‘Het is uiteraard mogelijk dat ik me ook hierin vergis. Ook dat zou dan heel gemakkelijk aan te tonen zijn, namelijk door te laten zien dat de puntentoekenningen in vragenlijsten, meerkeuzetoetsen en puntsschalen wel degelijk – en dus in tegenspraak met wat ik stel – naar getalsmatige verhoudingen tussen psychologische verschijnselen verwijzen. Ik zie uw demonstratie graag tegemoet!’.
Ook schrijft u, en dat kwam op mij heel welwillend over: ‘Ik sta ervoor open om uw voorstel (Ik stel u voor om de getalsgerichte en de verschijnselgericht vormen van wetenschapsbeoefening niet bij voorbaat tegen elkaar weg te strepen, maar tegen elkaar af te wegen en uw oordeel over pseudowetenschap opnieuw te bekijken.) te onderzoeken’.
Zoals ik eerder schreef, over de uitkomst van uw onderzoek kunt u gerust zijn: ‘Het lijkt me dat, als u hier eerder van op de hoogte was geweest, u een heel andere tekst op Jacques Vriens’ Facebook-pagina had gezet’.
Ik stel u vriendelijk doch dringend voor dat u uw besluit heroverweegt, juist ook in uw eigen belang. Van informatie is nog nooit iemand slechter geworden en woord en weerwoord zijn een wezenlijk onderdeel van de wetenschappelijke gedachtewisseling, waar u zich nu eenmaal in begeven heeft met uw reactie op Bakkers en mijn artikel in De Limburger.
Mag ik vóór maandag 7 juli, 9u00 een procedurele of inhoudelijke reactie van u ontvangen?
Met vriendelijke groeten,
dr. Ewald Vervaet
cc: Jacques Vriens, Philip Bakker, Stichting Histos, kerngroep WSK
—————————————————————————————
Laatste bewerking van deze webpagina: 7 juli 2026